Noorwegen 2000

Vorige pagina Volgende pagina


Zondag 9 juli Hønefoss naar Dokka




Een rood-wit geblokt laken en een rieten mandje is het enige wat ontbreekt....


In tegenstelling tot de vorige etappe was het vrijwel onmogelijk op deze rit te verdwalen. Van de aangegeven 95 km ging meer dan 90 'kjør rett frem' (immer gerade aus) over route 245 langs het Ransfjord.

Voordat we echter aan het Ransfjord aankwamen, diende wel eerst 1,5 km klim van 9% overwonnen worden. Nog pittig zat. Daarna lag de weg open naar de fjordtocht.

Kilometer na kilometer kwamen we langs het een na het andere rood-wit of pastelgekleurde huisje. Een huis was uitgevoerd met gele wanden, een rood dak en blauwe randen en ook het hondehok en vogelhuis waren in deze 'bedrijfskleuren' meegelakt.

Op een kilometertje of 50 was ik wel toe aan een break, maar ik hield nog even vol tot 60 km, waar Tessa en Adele een soepstop opgezet hadden. Volgens Cycletours-traditie worden soepstops altijd gehouden bij mooie plekjes. Een buitengewoon prettig strandje voldeet prima. De zon scheen en we werden aangespoord om te gaan zwemmen. Ik vond pootjebaden wel volstaan.

En de weergoden zagen dit en besloten dat dit niet goed was. Bij de volgende draai van de weg daalde een bui op ons neder, die we van de overkant van het fjord hadden zien aankomen. Een kwartier hield het aan, toen was het goed, want we waren nat.

Omdat de weg flink glooide, voelde ik meer dan eens de behoefte om bij te eten. Op ca. 88 km was ik door mijn voorraden heen. Geen boterhammen, geen mueslibars en geen druppel 'sterk water' (met Extran poeder) meer, ik zou op wilskracht verder moeten gaan.Op 92 km had ik het wel gehad, maar de camping lag nog 4 kilometer verder.

's Avonds leefde ik me uit op het voorafje, tonijnsalade op schelpjes. Ik ben een echte garnituurspecialist moet je weten. Buitenshuis tenminste. Het hoofdgerecht omvatte aardappelpuree met groenten en vissticks. Als toetje: fruittaart.



Om tien uur s'avonds schijnt de zon, maar de temperatuur gaat desondanks omlaag.


Op deze camping waren al aanzienlijk meer muggen gesignaleerd. In de laatste strepen zonlicht werd duidelijk dat in de buurt een soort luchtmachtbasis lag. Een aantal squadrons liet zich gelden tijdens de afwas, die kennelijk een onweerstaanbare aantrekking op hen had.